Om alle inhoud te kunnen zien hebt u de actuele versie van Adobe Flash Player nodig.

Startpagina Afbeeldingen De Maas De Kingbeek Het Kanaal Activiteiten Voetbal historie in Beeg Beegtenaere home Januari Februari Maart April mei Juni Juli Augustus September Oktober November December Het bestuur Werkgroepen Bicht Uit de krant Nieuwsbrieven Wandeling Links Index Jaarboeken Groot Born Contact 15 dec, 2005 Een mo(nu)mentje voor een gedenkwaardige nieuwjaarsnacht 1926 02 jan, 2006 Gedenkwaardige jaarwisseling Grevenbicht 26 okt, 2006 De geur van zelfgemaakte soep 28 okt, 2006 Koningin staat in het krijt bij Grevenbicht 10 mrt, 2007 Vijf vragen aan Jean Knoors 20 mei, 2007 De bewaard gebleven veldnamen en het looiproces 24 apr, 2008 Wegkruis Palmen - Koten in ere hersteld 25 dec, 2008 Zalf voor de eenzame ziel 09 jan, 2009 Romeinse putrand luidt 25 jarig bestaan Heemkundevereniging “Bicht” in! 30 jan, 2009 Romeinse wandeling door Grevenbicht en Obbicht 04 feb, 2009 Inventarisatie historische vondsten in voormalige gemeente Born 4 feb. 2009 Romeinse putrand terug in kern Grevenbicht 25 mrt, 2009 De Koeweide 23 mei, 2009 Oranjebomen omheind 22 mrt, 2010 Monument voor slachtoffers vliegramp Grevenbicht 28 mrt, 2010 Verzet tegen bebouwing Maaskoul Nieuws Julich 23-05-2011 Fam Zwaans terug in Grevenbicht 23-02-2013 Nieuws project WO II 28-05-2011 Nieuws HV in regionieuws 29-06-2011 Nieuws Julich 23-10-2011 Nieuws oorlogsmuseum 06-09-2011 

Schutterij st Martinus Born

Schutterij Sint Martinus BornHet St. Martinus-gilde is de oudste schutterij van de gemeente Born. Zijn oudste zilveren vogel draagt als jaartal 1610. Uit diverse documenten blijkt dat het stichtingsjaar eerder gezocht moet worden voor de Reformatie. Het betrof toen een landelijke militie, gepatroneerd door de heer van Kasteel Born. Gebrek aan enig bronnenmateriaal verhinderen elke vorm van historiografie over deze, vanuit lokaal en militair oogpunt beschouwd erg interessante instelling.Het oudst bewaarde reglement stamt uit 1739. Het origineel werd opgesteld in 1739 en ging verloren, maar werd deels gekopieerd in reglementen uit 1857 resp. 1870.In het jaar 1739 den 27 april is mit verwissen und volligen Konzends des Geistligen und Weltligen oberigkeiten ambligt des Erwerdigen Hern Henria Creefs, Postoor zu Born und Buchten als unser Geislichen Vater oder mit diesen Konzend van den Eerweerdigen Pater Heiaarst Corten, den Vikaris zu Born un den Hooggeboren Hern Herman Franciska, de Graven van Leerod, unser genadigen Hern ambman uber das dorf Born, ein sobliges Broederschap und schutterij unter nagfolgender ard und reglement aufgerigt und mit den offezieren erwälet worden wo fur uns foloverse ordnung masig zu ersehen und den fur den offezieren alle Punten goed absolvierd werden. Art. 1: ‘De Koning is het hooft der schutterij; ieder offezier en schut is aan hem de grootste beleefheid schuldig. De generaal is de opperbevelhebber der Kompagnie en heeft het regt om de orde aan de offezieren te geven. Den Cornel is de Regemenskomedant, den Majoor is de Batteljongskomedant der Kompagnie, de Kapitein is de Kompeniekomedant, de Luitenanten zijn pletonskomedanten en de Luitenantadjudant is om de komando aan de manschappen over te geven en de manschappen zijn verpligt goed naar hem te luisteren en die daaran mankeert zal dadelijk gestraft worden naar goeddunnken der offezieren1’. Art. 2: ‘Als einen Schut sterbt zo mussen alle schutten te samen komen aan het sterbhaus om den dienst bijwonen end der daaraan makend verpligt zich eine mis vur den abgestorbenen zu betalen’. Art. 3: ‘Verder, staat in das Oud Reglement meer aber is uit het nieuw overeenstemment zoo wille wie beslissen alles was het beste is zoo zal alles aan de schutten bekend gemaakt worden zoowel als einen nieuwen bijkomt. Deze afschrift is voor goedgekeurd en besloten in het jaar 1870 den zesden Meij en overgeschreven den 15 september van het jaar achtien hondert en tachtig (…)’. Art. 4: ‘Wanneer eenen dienst in de kerk gehouden wordt voor de schutterij is een ieder verpligt den dienst bij te wonen en geene kinderen sturen in hun plaats die geen achtien jaar zijn. Zou het wezen dat iemand door wettige reden belet is dan is hij verpligt kennis ervan te geven bij de hoofd offezieren die hem naar goeddunken kunnen ontslaan toch ten alle tijden verpligt de offergangen bij te wonen (…). Art. 5: ‘Als de schutten in tenu zijn mag zich niemand dronken drinken. Die daarin vervalt zal de eerste maal gestraft worden met eene boete van 10 cent de tweede maal 20 en zo het in het gebruik valt zal hij met eerlos ontslag worden weggezonden’. Art. 6: ‘Door de Hoofdoffezieren is voorgoed gehouden dat twee der offezieren moeten rekening doen over de inkomsten en uitgaven der schutterij van ieder jaar en wel den 11 november, St. Martinus Patroon van het Broederschap. De schuttemeester heeft het regt om aan te teekenen de inkomsten van de schutterij’. Art. 7: ‘Ieder tamboer zal jaarlijks ontfangen 7 franc daarom is hij verantwoordelijk voor al hetgeen zijn trom betreft en alle kosten der trom is voor zijne rekening’. Art. 8: ‘Wanneer eene uur bepaald wordt om te verschijnen is een ieder die werkend lid is verpligt te verschijnen en die daaraan te kort blijfen zal naar goeddunken des Konings en der Hoofdoffezieren gestraft worden’. Art. 9: ‘Als eene uit ons Broederschap sterft zullen alle de schutten aan het sterfhuis zig bevinden om den overleden Broeder af te halen en de begrafenis en dienst bei te woenen en geen kinderen sturen in hunne plaats die minder dan 18 jaar oud zijn en die daaraan mankeerd zal dadelijk gestraft worden met eene geldboete van 25 cent niet minder, degene die met wettige reden belt is is verpligt kennis te geven aan de Hoofdoffezieren die hem naar goeddunken kunnen ontslaan. Ieder schut is verpligt de offergangen bij te wonen. Steeds heeft een grote verbondenheid bestaan tussen de kasteelheren van Born en het schuttersgilde. Niet enkel waren zij de vermoedelijke oprichter, maar ook bleven zij lange tijd de beschermheren. In de officiële bescheiden kan men hen volgen van 1739 toen Heerman Franceska de Leerodt als Generaal van de St. Martinusschutterij fungeerde. De schutterskroniek beschrijft op boeiende wijze de aanbieding van de generaalstitel aan Amedée Puis de Watremont: ‘Met groot genoegen hebben wij Heer offezieren in deze nieuwen register aangenomen met zijne volle toestemming den achtbaren Hooggeboren Heer van Born Amedei du Puis de Watremont als de overste onser schutterei, de opperbevelhebber of General der Compagnie, die met volle consent der offeziere het regt heeft alle orde aan de offezieren over te geeven ingezien de met de schutterei uit het jaar 1739 toen ook de Heer van Born Herman Franciska Graven de Leerot overste der schutterei was. Diezelfde eer hebben wij tans Regeerende offezieren der Companie aan onzen agbaren Heer deze aanbieding niet onaagenaam zal weesen, maar met groot genoegen er in zult toestemmen. Waarvoor Uedele gelieve uwe handtekening in onsen register te plaatsen’.De schuttersboeken laten verder uitschijnen dat de burgemeesters van Born in het verleden steeds de rang van officier bekleed hebben.Als elke andere schutterij leefde St. Martinus in de beste verstandhouding met de geestelijkheid der parochie. Als broederschap had zij trouwens religieuze verplichtingen. Zulks blijkt uit de oude reglementen, waarvan hier enkele fragment geciteerd worden:- ‘Bei het uittrekken van de Prossessie moeten de schutters zig goed gedragen, in de Kerk ieder op zijn plaats blijven staan in de gang der Kerk en nergens anders. De Comedant zal goed daarop letten of niemand van de manschappen uitgaat zonder permissie en die daaraan mankeerd zal naar goeddunken der offezieren gestraft worden’.- ‘In het rondtrekken der Prossessie zullen de manschappen goed in het gelit blijven staan, om als den Zegen gegeven wordt, het geweer of sabel te presenteren, alles tot eer van God’.Art. 10: (…) 2. ‘Dit reglement is bij goedkeuring der Offezieren besloten en onderteekend door de Heer Koning Peter Schanen, de Opperbevelhebber Generaal Amedée Puis de Watremont, de Colonel Hermaan Storms, de Majoor Michael Donners, de Kapetain Peter Frenken, de Luitenant Peter Reins, de Luitenant Jacob Vochten, de Luitenant-adjudant Matthes 3, de Tambour Majoor Van Kleef…4 In 1872 werd een reglement opgetekend in verband met het vogelschieten. De tekst daarvan wordt hieronder in het kort weergegeven: ‘Reglement van het vogelschieten beigevoegt in 1872 door de regeerende offezieren, in de toekomst zal de vogel alle jaren moeten geschoten worden edog kan het gebeuren met toestemming der commandeerende offezieren en toestemming des Konings van hem nog een jaar aan den beider houder over te talen, dan moet hei zeven francq aan betalen op den 11 november eerste volgende dit is voor het tweede jaar (…).De Koning is verplicht eenen goeden borg te stellen zo haast als hij den vogel afschiet en zoo niet dan houden de commandeerende offezieren den vogel van de Kompanie en handelen er mee naar hun goeddunken. De Kommandeerende offezieren hebben het regt om den vogel zoo haast als den Koning hem naar huis gebragt is te neemen en houden hem in bewaar bij den Cornel-Majoor of Kapetein van de Kompanie tot dat de schutters weer optrek dan is de Koning verpligt de vogel te halen bij de gene die hem bewaare en als die borg niet voor goed verklaare word dan moet hij eenen nieuwen in de plaats stellen en op eene zegel moet eenen akte gemaakt worden en van den koning in borg geteekend worden en deze ackt zijn tot last vanden Nieuwen Koning; die voor den eersten maal den vogel afschiet, moet eene Plaat aan de vogel geven niet minder kostends dan 67 franqs; als iemand voor de tweede maal afschiet dan kan hij met de offezieren akkordeeren en betal 6 franqs aan de Kompanie die er naar goeddunken zullen over beschikken.Dit Reglement belast ook dat niemant den vogel mag buiten de gemeente dragen. Dit is straks verboden en blijft tot last der offezieren’.Nog andere bepalingen werden opgetekend in verband met het vogelschieten. Hieronder leest men de voornaamste: ‘Bij het vogelschieten zullen allen de schutten tesamen komen en goed naar de Comando luisteren eer zij beginnen, met zware geweeren mag niet worden geschoten. Ieder schut moet een halve franq op de trom liggen, dit betref ook de vreischutten’. ‘Niemand die schut is mag naar den vogel schieten, die den vogel afschiet zal voor de eerste maal 15 franqs bekomen, die hem door den Majoor ove-geteld zullen worden, voor de tweede maal kreig hei ook 15 franqs en hem voor de derde maal afschiet die kreigt 20 franqs en zal als Keizer van de Kompanie gehouden worden’.1 Reglement uit een register van 1870, waarin verwezen wordt naar het reglement van 1739. 2 Artikel 10 bevat eenzelfde inhoud als artikel 6. 3 Onleesbaar. Waarschijnlijk M. Tummers. 4 Niet alle ondertekenaars zijn hier overgenomen. Uit: Achter de Paol, 3e jaargang, nummer 1, april 1995. Voor het samenstellen van dit artikel is gebruik gemaakt van informatie van de heer J.L. van Hasselt.Bron: www.stmartinusborn.nlOpmaak:Harrie Claessen



Grevenbicht Obbicht - Papenhoven Schipperskerk Born Buchten Holtum